Opties

Contact

Onze historie

Op zondag 2 juli 1899 merkte Alkmaar dat ook het draven op de ‘langebaan’ de kop van Noord-Holland in haar ban zou krijgen. Die dag opende de schilderachtig gelegen nieuwe baan in Bergen voor het eerst haar poorten. De treinen brachten duizenden bezoekers naar Alkmaar, vanwaar ze met alle mogelijke beschikbare vervoermiddelen naar Bergen werden gebracht. Uiteindelijk kwamen meer dan vijfduizend bezoekers door de poorten.

Op het Alkmaarse station werden de officials en de sportpers in de ochtenduren opgewacht door de voorzitter van de organiserende vereniging, de Kennemer Sportclub. Die trakteerde  zijn gasten vervolgens op een lunch in het Alkmaarse hotel De Toelast, later nog enige tijd het onderkomen van De Nederlandsche Bank. De voorzitter was in die jaren de vermaarde Bergense burgemeester Jacob van Reenen. Hij legde op zijn land, aan de voet van de duinen, een fraaie grasbaan aan die later een lengte van duizend meter zou krijgen.

De bloeiperiode van de drafsport was echter van korte duur. De regering diende een Zedelijkheidswet in bij het parlement, welke het wedden bij bookmakers en totalisator verbood. Deze wet zou begin 1911 worden aangenomen, maar de Kennemer Sportclub had de conclusies al getrokken. De baan werd reeds in 1910 gesloten en een bekende Bergense trainer als Mees Alkemade trok noodgedwongen naar Duitsland. Ook Jan Ensing en Tjibbe Witteveen verhuisden naar elders. Op de plaats van de Bergense koersbaan ligt tegenwoordig nog altijd een hertenkamp en de nabijgelegen Renbaanlaan doet ook nog denken aan die vergane glorie.

Nieuwe start

De Kennemer Sportclub wilde echter weer aan de slag. In de bovenzaal van café Willig werd  een vergadering belegd. Het leverde vele discussies op en uiteindelijk een meeting op de baan van het voormalige landgoed aan de Westerweg, op de grens tussen Alkmaar en Heiloo. Na twee koersdagen, die veel bekijks trokken, zette men koers naar het huidige onderkomen.

In 1914 slaagde de Kennemer Sportclub er in een terrein te pachten tussen de Nieuwpoortslaan en de Zandersloot, waar rondom het voetbalveld van Alcmaria Victrix een grasbaan van slechts 500 meter lengte en 15 meter breed werd aangelegd. Dat terrein omvat de noordelijke helft van de huidige baan. Aan de noordkant hiervan, geheel met matten, schuttingen en geboomte afgezet, lag het ‘vijftig cents terrein’ voor de minder bedeelde toeschouwers. De baan was aan de binnenkant slechts met palen zonder touwen afgezet en na elke koers verzamelden de paarden zich op het middenterrein.

De vereniging gaf zestig aandelen van vijftig gulden uit, waarvoor men tevens recht op vrije toegang ‘met dame’ had. Men ging op Hemelvaartsdag 21 mei 1914 van start met een 800 meter-draverij en op Tweede Pinksterdag 9 juni 1914 werd die koersdag gevolgd door de eerste langebaandraverij. Die eerste draverij werd gewonnen door de zesjarige bruine hengst Bandage die werd gestuurd door pikeur Jan Bakker uit de Wieringerwaard. Het leverde hem later de bijnaam Jan Bandage op. Omdat het baantje zo klein was, raakten de pikeurs de tel nogal eens kwijt. Daarom werd bij het ingaan van de laatste ronde een bel geluid en een goed zichtbare rode mand aan de finishpaal gehesen.

Gemeente

In december 1918 werd het terrein bij inzet en toeslag geveild. De Kennemer Sportclub vond de inzet van meer dan twintigduizend gulden te hoog voor een baan die eigenlijk te klein was. Gelukkig kocht de gemeente Alkmaar het terrein, zodat de voortgang van de draverijen gegarandeerd bleef. Nadat de gemeente in 1919 nog verschillende aanpalende percelen aankocht, besloot men een nieuw sportpark aan te leggen. Er kwam een grasbaan van 680 meter lengte rondom drie voetbalvelden. Deze nieuwe baan werd in 1920 officieel in gebruik genomen. De driejarige voshengst Koerier met pikeur Kees Ockhorst won die dag de eerste koers . Ook werden vanaf 1921 razend populaire motorraces op de baan gehouden.

Enkele jaren later braken echter zorgelijke tijden aan. De commissaris van de politie van Alkmaar begon een fanatieke jacht op clandestiene bookmakers en wedders, waarvoor elke koersdag tientallen politiemensen en rechercheurs op de baan aanwezig waren. Het werd zo erg dat het publiek uit protest voor de meeting van 22 juli 1928 massaal verstek liet gaan. Door het teruglopende bezoek kon de Sportclub trouwens wel een gunstiger contract met de gemeente afsluiten.

In 1930 werd de nieuwe, overdekte, tribune gebouwd. De ingang bevond zich toen overigens nog aan de Nieuwpoortslaan, aan de achterzijde van de tribune. In 1933 werd deze naar de huidige plek verplaatst. De zorgelijke tijden bleven echter voortbestaan en leverde zelfs het faillissement op van de Sportclub.

Paardensport comité Vooruit

De activiteiten werden in 1939 voortgezet door het Paardensport Comité Vooruit. Hiervan werd het bestuur bijna geheel gevormd door de bestuursleden van de 1300 leden tellende Harddraverijvereniging Prins Bernhard uit Beverwijk, met Appie Blom als voorzitter. Het Comité, het latere PSV Vooruit, lapte geld bijeen en ging op Tweede Pinksterdag 1939 van start. Snel hierna brak de tweede wereldoorlog uit en dat bracht een grote opleving van de drafsport met zich mee, zeker na de herinvoering van de totalisator in 1941. Op Pinksterzondag 1943 telde men zelfs meer dan 10.000 bezoekers!

Gedurende de lange winter van 1946-1947 werd de grasbaan in een sintelbaan omgezet, waarbij aan de buitenkant een smalle strook gras voor eventuele rennen overbleef. Ook kreeg het bestuur het nog altijd staande paviljoentje op de heuvel. In 1960 nam trainer Tom Kooyman zijn intrek in de stallen ten zuiden van de accomodatie en de baan werd gaandeweg steeds verbeterd, hetgeen ook steeds snellere tijden tot gevolg had. Zo was de geweldige schimmel Action Skoatter lange tijd recordhouder, totdat Kim Wielinga met Hugo Langeweg begin deze eeuw die tijd uit de boeken reed.

De recente renovatie is trouwens zeker niet de eerste. De overdekte totohal dateert van 1982 en sinds 1990 beschikt men ook over baanverlichting. Overigens vonden er op het Ovaaltje al veel eerder draverijen bij kunstlicht plaats. Op zondagavond 6 oktober 1946 zorgde de firma Plaaier uit Dordrecht voor tijdelijke verlichting…

Alkmaar is de op één na oudste koersbaan van Nederland en ontstaan gedurende het dieptepunt in de geschiedenis van de Nederlandse drafsport. Het is ook de enige baan in Nederland die elk jaar vanaf haar oprichting heeft gekoerst. Een vaste waarde dus, die er na de laatste opknapbeurt weer even tegenaan kan.

Bron: Alkmaars Drafmagazine, Durk Minkema 1994